Halverwege de negentiger jaren van de vorige eeuw is een proces op gang gekomen van hernieuwde aandacht voor de beroepskwaliteit van leraren. Belangrijke elementen in die discussie waren de roep om explicitering van beroepsstandaarden en nadruk op de centrale rol die de beroepsgroep zelf zou moeten spelen bij kwaliteitsbewaking van de beroepsbeoefening. Daarbij was ook sprake van mogelijke registratie van leraren die aan de beroepsstandaarden zouden voldoen, in een lerarenregister.
Er is in nauwe samenwerking met het veld van leraren een algemene beroepsstandaard ontwikkeld door SBL in de vorm van bekwaamheidseisen. Deze bekwaamheidseisen beschrijven wat elke leraar tenminste moet weten en kunnen en vormen dus het fundament onder de beroepskwaliteit. Ervaren leraren hebben zich in hun beroepspraktijk verder ontwikkeld en beschikken over meer bagage. De bekwaamheidseisen zijn op basis van de Wet op de Beroepen in het onderwijs (wet BIO) door de overheid wettelijk vastgelegd in een Algemene Maatregel van Bestuur. Erkende lerarenopleidingen hebben het exclusieve recht om vast te stellen of iemand aan die bekwaamheidseisen voldoet en, indien zij dat het geval vinden, kunnen zij aan de leraar een bewijs van bekwaamheid uitreiken. Vanaf dat moment heeft de leraar de professionele verplichting zijn bekwaamheid te onderhouden. Met het register van leraren kan de beroepsgroep de kwaliteit van de ervaren leraar duidelijk maken en laten zien dat hij/ zij zich voortdurend verder ontwikkelt. Het register waarborgt de kwaliteit van de ingeschreven leraren. En door aan het register deel te nemen, verschaft de geregistreerde leraar zich dus ook dat kwaliteitskeurmerk.
Tot een register van leraren is het indertijd, ondanks aanzetten daartoe, om diverse redenen nog niet gekomen. Vanuit de beroepsgroep van leraren en met name vanuit een aantal vakinhoudelijke verenigingen is nu echter de behoefte aan een lerarenregister opnieuw geformuleerd, waarbij de verwachting dat hiermee met name het vakinhoudelijke en vakdidactische niveau van de beroepsgroep beter bewaakt kan worden, voorop staat. Tevens ziet men het register als goede mogelijkheid om de verdere professionalisering van eenmaal geregistreerde docenten te stimuleren. Om in het register te kunnen blijven, dat wil zeggen om na een bepaalde periode opnieuw geregistreerd te kunnen worden, zou men namelijk door middel van scholing of andere professionaliseringsactiviteiten de professionaliteit op peil (en bij de tijd) moeten houden of verder moeten ontwikkelen.
Inmiddels hebben verschillende vakinhoudelijke verenigingen de eerste stappen in de richting van ontwikkeling van beroepsstandaarden en het lerarenregister gezet.